
1969-1971:
In nummer 10 van het weekblad "Motor" staat een advertentie
waarin een
Harley-Davidson 750cc te koop wordt aangeboden in 's-Hertogenbosch.
Die motor wordt door Cees gekocht.
Alain, een vage kennis, blijkt ook op een Harley rond te rijden en al
vlug wordt er over het oprichten van een club gesproken.
Eduard, de Harley-rijder uit Maliskamp wordt met een bezoekje vereerd
en doet ook mee. Daarna komen pa van Schilt, Wimpie (nu Willem) en Joko
ook nog in het bezit van een Harley, zodat we een echte serieuze club
vormen.
In Nederland zijn al zeven clubs, waarvan H-DCN alléén
al meer als honderd leden telt, dus of het zin heeft om nog een club
op te richten, met zo'n kleine kans op levensvatbaarheid, is nog maar
zeer de vraag volgens de secretaresse van Harley-Davidson Club Nederland.

Ze stuurt ons dan ook een brief met een enigszins afwijzend antwoord
op onze vragen.
Wanneer er ergens in de omgeving van 's-Hertogenbosch een Harley staat
wordt daar een briefje aan gehangen met de vraag contact op te nemen
om eventueel ook bij de club te komen. Hierdoor groeit de club al vlug
uit tot zo'n stuk of dertig leden.
Bij de première van de film Easy Rider eind 1969 staan er voor
de bioscoop dan ook zes van onze Harley's op een rij tussen tientallen
Puchs en Tomossen.

1971-1982:
Op de Binckhorst ( een instelling voor mensen met een verstandelijke
handicap in Rosmalen) wordt een bord in de fietsenstalling gehangen
met daarop de tekst "uitsluitend voor zware motoren".
De zeven leden van Harley club 's-Hertogenbosch die daar dan tegelijkertijd
werken, krijgen een apart gedeelte van de stalling zodat de motoren
droog kunnen staan zonder last van fietsen of brommers.
Dat er af en toe een verdwaalde Laverda tussen staat mag de pret niet
drukken.
In de beginjaren is huize van Schilt het verzamelpunt en de uitvalsbasis
voor de club. Regelmatig staat er dan ook een hele rij motoren voor
de deur geparkeerd, netjes met het voorwiel tegen de stoeprand aan.
Vertrekkend of terugkerend van een ritje, een avond stappen of een bezoek
aan een andere club.
Al snel wordt Nederland te klein voor een aantal van onze leden en men
verbreedt zijn horizon met trips naar het buitenland. Tsjecho-Slowakije,
Luxemburg, België, Duitsland en Polen krijgen al in de beginjaren
'70 regelmatig bezoek uit 's-Hertogenbosch. Zo ook die keer als we op
vrijdagmorgen na de nachtdienst om halfacht vertrekken naar Tsjechië
maar door oponthoud aan de grens pas op zaterdagmiddag aankomen.
Een avond feestvieren en op zondag weer naar huis om maandag morgen
weer te gaan werken. En gewoon op onze 750cc'tjes.
Omdat sleutelen op straat niet alles is wordt er een advertentie voor
een clubhuis gezet in het Brabants Dagblad. We kunnen een schuur huren
aan de Heinis in Orthen. Maar helaas, na een paar keer stevige ruzie
met de buren in verband met geluidsoverlast moeten we daar snel weer
weg. Het alternatief is een box onder een flat in de Neerstraat. Maar
klachten over benzinelucht in de flats en angst bij de huisbaas voor
explosiegevaar noodzaken ons om ook hier weer te vertrekken.
Gelukkig kan Achter de Boerenmouw een pand gehuurd worden. Hier heeft
een hippy-commune gezeten en er moet het nodige opgeruimd worden, maar
we vinden het een perfect clubhuis. Totdat de huur de pan uit rijst
en niet meer voor ons, arme studenten, is op te brengen.
Dan wordt
het Hart van Brabant onze vaste vergaderstek.
Heel vaak kunnen we er niet aan weerstaan om na afloop van de vergadering
bij de Parade nog een afzakkertje te gaan halen.
Sinds jaar en dag, eigenlijk al vanaf 1972 organiseert de club ook regelmatig
internationale weekends.
De eerste locatie is in Handel, later wordt dit Bokhoven. Hier starten
we ook ons eerste voetbaltoernooi. Een aantal jaren later worden respectievelijk
Heeswijk en Vinkeloord de Rally locatie's. Weer wat later kamperen we
vaak in Liempde.
Halverwege de jaren '80 neemt de activiteit wat af. De rusteloze jeugd
wordt wat ouder en veel van onze leden raken in de kleine kinderen.
De aandacht gaat duidelijk uit naar serieuzer zaken dan motoren.
Toch wordt het 12½ jarige bestaan gevierd met een feestelijke
reünie waarbij verschillende leden vanuit het prille begin wat
oude herinneringen komen ophalen.

1982-1993:
Sinds '82 organiseren we elk jaar een traditionele, drukbezochte ruilbeurs
in Liempde.
Het jaarlijkse Hemelvaart-familieweekend wordt nog steeds goed bezocht.
Met Harley's, caravans, auto's, vrouwen en kinderen (alles is toegestaan)
is dit uitgegroeid tot een Bourgondisch genieten.
Ter gelegenheid van het 20 jarig bestaan wordt in het Autotron te Rosmalen
een tentoonstelling opgezet waar zoveel mogelijk modellen uit verschillende
jaren van Harley-Davidson te zien zijn.
Met een diversiteit van 127 modellen uit 88 bouwjaren is dit een wereldrecord
dat nog steeds vermeld staat in het groot Guiness Book of Records.

1993-Heden:
Voor het 25 jarige jubileum gaan we proberen een Superrally te organiseren.
1994 is helaas al besproken. Da's erg jammer maar het wordt ons 1995
alsnog gegund.
Tot op de dag van vandaag horen we daar nog steeds positieve geluiden
over. Met 12000 bezoekers is het op dat moment een van de drukst bezochte
Superrally's ooit.
Mede dank zij hulp van een aantal andere Nederlandse clubs kan dit gedaan
worden want met de 45 leden die we dan hebben is dit veel te groot voor
ons alleen.
Mede door het succes van de Superrally en de bekendheid die we hierdoor
krijgen schiet in de jaren daarna het ledental omhoog tot de huidige
honderd.
Heden:
We zijn nu, in het jaar 2004, vijfendertig jaren verder en we bestaan
nog steeds. Over de levensvatbaarheid van onze club maken we ons niet
echt druk meer. Onze wervingsacties zijn minder nadrukkelijk als in
1969 want de club is eigenlijk al groot genoeg.